Op 31 oktober gaat onze collega Chiel de uitdaging van zijn leven aan.
Hij gaat 160 kilometer hardlopen om geld op te halen voor KWF Kankerbestrijding. Niet voor een medaille. Niet voor een persoonlijk record. Maar omdat hij iets wil doen tegen een ziekte die veel te veel mensen raakt.
Soms gebeurt er iets waardoor je beseft hoe weinig vanzelfsprekend het leven is. Dat gebeurde bij Chiel toen zijn buurvrouw kanker kreeg. Ze was jong, leefde gezond en was iemand die ondanks haar ziekte ontzettend positief in het leven stond. In korte tijd zag Chiel hoe de ziekte haar leven en dat van de mensen om haar heen veranderde. “Ik kon haar niet beter maken”, vertelt Chiel. “Maar ik kan wél iets doen voor anderen. Bijvoorbeeld door geld op te halen voor onderzoek.” En dus besloot hij in actie te komen voor KWF Kankerbestrijding.
‘Het kan iedereen overkomen’
De ziekte is voor Chiel niet alleen dichtbij gekomen door zijn buurvrouw. Ook eerder verloor hij mensen aan kanker. Maar het verhaal van zijn buurvrouw kwam extra hard binnen. Want kanker maakt geen onderscheid. Je kunt gezond leven en toch ziek worden. Jong zijn en toch ziek worden. Het kan iedereen overkomen. “Je staat er gewoon niet bij stil dat het jou ook kan overkomen. Of iemand die dichtbij je staat.” Juist daarom vindt Chiel het zo belangrijk dat er onderzoek gedaan wordt. Zo worden behandelingen steeds beter en krijgen steeds meer mensen een kans op een toekomst. En daar wil hij zijn steentje aan bijdragen.

Chiel heeft in de afgelopen drie jaar aan meerdere sportieve uitdagingen meegedaan.
Dus gaat hij 160 kilometer hardlopen
Chiel loopt pas ongeveer drie jaar hard. Daarvoor deed hij vooral aan krachttraining, fietsen en skeeleren. Inmiddels heeft hij al verschillende halve marathons, marathons en andere sportieve uitdagingen gedaan. Maar 160 kilometer is van een heel andere orde.
Op 31 oktober loopt hij de Ultra Trail Kempen in België: een lange trailrun door de bossen. Hij heeft maximaal 32 uur de tijd om de afstand af te leggen. Samen met een hardloopmaatje wil hij proberen om het binnen 24 uur te halen. Daarvoor traint hij volop. Hij verwacht voordat hij aan de start staat zo’n 1.500 kilometer te hebben gelopen in de voorbereiding. Ook oefent hij met voeding, lopen in het donker en omgaan met de vermoeidheid die onvermijdelijk komt kijken bij zo’n enorme afstand.
Want het wordt zwaar. Heel zwaar. Toch relativeert Chiel dat zelf: “De mensen die kanker hebben en door zo’n traject gaan, hebben het tien keer zo zwaar. Vergeleken met wat zij moeten doorstaan, is dit peanuts.”